Elke behandeling kent zijn eigen risico’s en de implantologie is hierop geen uitzondering. Hoewel de risico’s relatief gering en niet levensbedreigend zijn moeten ze toch wel worden vermeld.
Er kunnen verschillende complicaties optreden. De belangrijkste zijn:

Pre-operatief (vóór de operatie)
Voor de operatie zijn er uiteraard niet veel zaken die fout kunnen gaan. Toch zijn er een aantal dingen die de aandacht verdienen.

Ziekte:
Het kan voorkomen dat een patient vlak voor de ingreep ziek wordt. In dat geval is het beter om de implantatie uit te stellen totdat de patient weer beter is omdat ziekte de weerstand verlaagt en de kans op andere complicaties groter wordt.

Ontsteking:
Bij het begin van de behandeling komt het vaak voor dat het eigen, niet te behouden gebitselement moet worden verwijderd. De reden hiervoor is bijvoorbeeld breuk of ontsteking. Na het extraheren moet er circa 5 a 6 weken worden gewacht met implanteren totdat het lichaam de kans heeft gehad de aanwezige resten van de ontsteking op te ruimen. Dit geschiedt in bijna alle gevallen probleemloos. In een enkel geval geneest de wond echter niet optimaal en blijft de ontsteking bestaan! In dat geval moet de ontsteking opnieuw worden verwijderd en zal er opnieuw gewacht moeten worden met implanteren. Als vuistregel geldt dat men niet in een ontstoken kaak kan implanteren

Operatie:
Tijdens de operatie kunnen er verschillende zaken mis lopen. De meeste kunnen en zullen worden voorkomen door een ervaren behandelaar met een goede pre-operatieve planning en een optimale technische uitrusting. Toch kunnen er grensgevallen voorkomen waarin van te voren niet geheel duidelijk kan zijn hoe het resultaat er uit zal zien. Een ervaren chirurg zal hierop meestal voor de ingreep al op wijzen.
De belangrijkste complicaties zijn

Pathologie:
Soms zijn er ontstekingen of cyste aanwezig die op een rontgenfoto niet zichtbaar zijn (bijvoorbeeld in de kaakholte). Dit soort problemen komen tijdens de ingreep aan het licht en leiden dan tot het behandelen van het probleem maar vaak ook tot het uitstellen van het plaatsen van de implantaten.

Beschadiging:
Om een implantaat in een kaak te kunnen plaatsen zal er een opening moeten worden gemaakt. Dit doet de chirurg d.m.v. speciale boren. Als het boren juist gebeurt zal het implantaat op de juiste plaats en in de juiste richting geplaatst worden anders kan het gebeuren dat het implantaat zich niet geheel in het bevindt of dat er beschadigingen aan de kaakholte of zenuwen optreden.

Postoperatief (na de operatie)
Na de ingreep kunnen er, net als bij iedere operatieve behandelingen, verschillende nabezwaren en complicaties optreden.

Pijn:
Na iedere chirurgische ingreep kan er wat napijn optreden dus ook na implanteren. Omdat we het plaatsen van implantaten alleen uitvoeren als de kaak geheel gezond is hebben onze patienten meestal weinig napijn. U hoeft niet bang te zijn voor pijn na de behandeling, dit kan effectief bestreden worden. Meestal is het gebruik van paracetamol voldoende. Gebruikt u geen Aspirine!

Zwelling:
Twee tot vier dagen na de ingreep kan er zwelling en soms een blauwe plek optreden. Dit is niet verontrustend en zal vanaf de vijfde dag minder worden. Ook deze zwelling kan bij iedere operatieve ingreep optreden

Dehiscentie: (opengaan van de wond)
Na de ingreep is de wond gehecht. De hechtingen houden de wondranden tegen elkaar zodat de wond kan genezen. Door de postoperatieve zwelling kan er spanning op de wondranden komen te staan waardoor de wond weer kan opengaan. Dit is uiteraard niet de bedoeling en leidt tot een vertraging in de wondgenezing. De kans op dehiscentie wordt veel kleiner door de prothese minimaal een week niet te dragen.

Ontsteking:
Na iedere chirurgische ingreep kan er een ontsteking optreden. Indien er een verhoogd risico bestaat zullen we u daarom na de ingreep een antibioticum voorschrijven. U dient deze medicamenten streng volgens het voorschrift te nemen. Roken heeft een negatieve invloed op de doorbloeding van het tandvlees wat een verminderde afweer tegen ontstekingen en een slechtere wondgenezing tot gevolg heeft. Het beste rookt u de eerste dagen na de ingreep niet.

Nabloeding:
Met name als de patient bloedverdunnende medicamenten gebruikt kan het tot nabloedingen komen. Er kan in dat geval een zakdoek tot een prop gemaakt worden waarop 15 minuten dichtgebeten kan worden. Indien dit niet helpt moet er contact met de behandelaar worden opgenomen. Het gebruik van alcoholische dranken  verhoogt de kans op nabloedingen. De eerste twee dagen na de ingreep dient u alcohol te vermijden.

Inhelingsfase
Gedurende de inhelingsfase (3 tot 6 maanden) zullen zich de implantaten normaal gesproken onder de mucosa bevinden en dus niet te zien zijn.

Perforatie
Er kan zich een opening boven een implantaat bevinden doordat de wond hier niet goed gesloten is. Ook later kan  er een opening ontstaan, bijvoorbeeld doordat een prothese druk uitoefend op een dunne mucosa. Als het vrijliggende deel van het implantaat goed schoon te houden is hoeft de perforatie op zich geen probleem te zijn. Vaak echter is het implantaat niet schoon te houden en opeenhoping van tandplak kan dan tot ontstekingen leiden. Een vrijliggend implantaat is altijd een reden om contact met de behandelaar op te nemen.

Ontsteking
Indien een ontsteking bij een genezend implantaat niet wordt vastgesteld kan dit tot grote schade aan het bot rond het implantaat leiden. Een ontsteking kan ingesloten raken bij een genezend implantaat maar kan ook ontstaan door een infectie nadat er een perforatie opgetreden is.

Pijn
Als er tijdens de inhelingsfase nog pijn voorkomt is dit altijd een reden om contact op te nemen met de behandelaar. Normaal merkt de patient eigenlijk niets van het implantaat gedurende de inhelingsfase.

Niet inhelen van het implantaat
Het niet vastgroeien van een implantaat in de kaak zal meestal het gevolg zijn van ontsteking of het te vroeg belasten d,.mv. Kauwen. Dit is de reden dat wij de implantaten altijd eerst laten vastgroeien voordat de kroon of brug hierop wordt vastgemaakt.
In een enkel geval (<1:1000) blijkt een implantaat na de inhelingsperiode niet te zijn vastgegroeid terwijl we ook na uitvoerige medisch en tandheelkundig onderzoek niet kunnen vaststellen waar dit aan heeft gelegen.
Risico’s en complicaties
Om problemen bij implantaten snel te herkennen en voorspelbaar te kunnen behandelen geldt:

- Vroege diagnose is cruciaal. De implantaten laten controleren dus.

- Problemen moeten zo snel mogelijk worden behandeld anders kunnen ze onbehandelbaar worden.

- Behandeling van complicaties moet competent en met systeem gebeuren
 Copyright 2006-2010 Dr R.C. Hertel, ICTC BV Nederland 030-6991737
Home.Implantaat.Therapie.Kosten.Praktijk.Team.Service.Vragen.Disclaimer.
ICTClogo